Nederland begint, althans politiek, steeds meer Zuid-Europese trekken te vertonen. De ooit zo noeste en saaie politiek is nu binnen één jaar voor de tweede maal haar roer kwijt en zwalkt tussen rechts en links.

In mei van het afgelopen jaar werd dat bewerkstelligd door de flamboyante politieke columnist Pim Fortuyn, die in zijn eentje in twee maanden een politieke beweging uit de grond stampte. Er bleken meer dan anderhalf miljoen kiezers op drift te zijn, die zich in het huidig tijdsgewricht onveilig voelen. Belaagd door kleine criminaliteit, oprukkend islam-fundamentalisme, files in het verkeer en wachtlijsten in de gezondheidszorg snakte dit electoraat naar een nieuwe krachtige leider die korte metten zou maken met de keerzijde van de welvaart. Ondanks, of misschien dankzij het feit dat Fortuyn aan de vooravond van de algemene verkiezingen in mei van het afgelopen jaar werd vermoord door een milieuactivist, scoorde zijn politieke partij bij die verkiezingen niet minder dan 26 van de 150 zetels in de Tweede Kamer. Bij die gelegenheid verloren de centrum linkse Partij van de Arbeid en de rechts-liberale VVD elk circa de helft van hun kamerzetels. De andere grote winnaars waren de Christen Democraten, het CDA, dat ook de nieuwe no-nonsens uitstraalde. Een attitude die inmiddels door alle politieke partijen is overgenomen. Fortuyn heeft de politiek nieuw leven ingeblazen.

Na de voor links zo dramatische verkiezingen kwam er vlak voor de zomer een rechtse regering van het CDA, de Lijst Pim Fortuyn en de VVD. Premier werd de nieuwe topman van het CDA, Jan Peter Bakenende, ook wel JPB genoemd.

Al in de zomer raakte de Lijst Pim Fortuyn verwikkeld in interne machtsspelletjes, die ook het kabinet van JPB niet ongemoeid lieten en na 83 dagen gaf JPB het op. Hij kwam er niet meer uit en de kiezer moest in januari voor de tweede keer in een jaar maar duidelijk maken hoe het verder moest met ons land. Een zwakte bod, geïnspireerd door de verwachting dat de LPF zou worden gedecimeerd, ten gunste van de rechtse coalitiegenoten, die dan nog meer ministerbaantjes te verdelen zouden krijgen. Maar de kiezer beschikte eind januari anders. De lijst Pim Fortuyn verloor inderdaad het grootste deel van haar zetels, maar die gingen in meerderheid naar de PVDA. De PVDA is nu geheel terug van weggeweest en de riant geachte rechtse meerderheid van CDA is in elkaar gekrompen. Zuid Europese toestanden, want JPB lijkt niet erg tegen zijn verlies te kunnen en wil eigenlijk alleen met gelijkgestemden de baas blijven spelen. Dat sentiment lijkt zwaarder te wegen, dan de inhoud van het beleid en het belang van de kiezers, die liever willen dat de nieuwe regering om te beginnen de problemen van het land oplost. En problemen zijn er genoeg. Neem het onderwijs en het onderzoek. In de afgelopen vette jaren zijn de investeringen hopeloos achterop geraakt in verhouding tot de andere EU landen. Nederland wordt qua investeringen nu ingehaald door landen als Tsjechië en Portugal en teert in toenemende mate op oude roem. Om op Europees peil te komen zou er gerekend naar het BNP circa een derde meer moeten worden geïnvesteerd in onderwijs en onderzoek.

De grote politieke partijen hebben dat natuurlijk in de gaten en uiten hierover hun zorg in hun verkiezingsprogramma's. Dat is te begrijpen, immers een groot aantal maatschappelijke problemen valt rechtstreeks terug te voeren op deze onderinvestering. Neem de integratie van allochtonen en allochtone culturen in ons land. Vooral via goed onderwijs kan die integratie vorm krijgen. Maar er is te weinig geld om scholen te onderhouden, voldoende moderne leermiddelen in te zetten, laat staan om voldoende leraren te motiveren met een goed salaris en behoorlijke werkomstandigheden. En inmiddels wordt de vraag naar goed opgeleid personeel alleen maar hoger. Nederland moet daarvoor in toenemende mate een beroep doen op potentie in het buitenland. En dat geldt ook voor de multinationals die hun R& D in toenemende mate buiten Nederland laten ontwikkelen.

Ook het wetenschappelijk onderzoek wordt stelselmatig onderbedeeld. Nederland heeft zich enige jaren geleden bij het akkoord van Lissabon verplicht om in 2010 circa 3% van het BNP te besteden aan wetenschappelijk onderzoek. Dat is nodig om Nederland binnen Europa op de kaart te houden en om Europa voldoende momentum te geven in de concurrentie met de USA en ZO Azië. In Nederland leidde dit zowaar tot een extra bedrag van circa 10 miljoen Euro, te besteden door NWO, de Nederlandse Organisatie van Wetenschappelijk Onderzoek (jaarbudget 450 miljoen Euro). Het bedragje werd evenwel weer tijdelijk teruggetrokken en bestemd voor een ander goed wetenschappelijk doel. De organisatie krijgt het nu na een kamerbreed protest waarschijnlijk in 2005 uitgekeerd.

Bij de pogingen die in de komende weken en maanden worden ondernomen om tot een nieuwe regeringscoalitie te komen, speelt het wetenschappelijk onderzoek nauwelijks een rol. Dat zeker niet, als het Oud premier Balkenende lukt om op de een of andere wijze verder te gaan met zijn oude coalitie, die een regeeraccoord produceerde waarin het woordje kennis, kenniseconomie en wetenschap niet voor komt. Sterker nog, diezelfde coalitie poogde, gelukkig zonder succes, om een gedeelte van de aardgasbaten, die via een speciaal fonds bestemd zijn voor de kennisinfrastructuur een andere bestemming te geven.

Vanuit de wetenschap wordt dan ook gehoopt op een nieuwe centrum linkse coalitie, met de PVDA. Die maakt in haar recente verkiezingsprogramma een speerpunt maakt van onderwijs en onderzoek. De sociaal democraten weten zich in goed gezelschap. Want ook de Nederlandse werkgevers, verenigd in VNO/NCW pleiten al langer voor aanzienlijk grotere bestedingen in deze sector. Daarbij onderstreept VNO/NCW ook het nut van fundamenteel onderzoek en treedt op als pleitbezorger om het budget van NWO in de komende regeerperiode met ten minste 100 miljoen Euro te versterken.

Zulks dan vanuit een Deltaplan waarmee het bedrijfsleven het onderwijs en onderzoek in ons land uit het moeras hoopt te gaan trekken. De vraag is of een dergelijk maatschappelijk signaal krachtig genoeg zal zijn om het nieuwe kabinet Balkenende tot kennis te brengen.

The NWO is a supporter of Next Wave Netherlands.